donderdag 22 november 2012

dinsdag 6 november 2012

cheminées

Aanvankelijk wilden we dit weekend eerst naar de bibliotheek in Namen voor bronnenonderzoek, maar de bibliotheek bleek gesloten vanwege de herfstvakantie in België.
Niet getreurd, want er is nog genoeg te doen voor ons. Wie ooit de Metro bezocht heeft weet dat er tot zeer hoog in de plafonds allerlei voorwerpen hangen die daar door de rivier in crue gedeponeerd zijn.
Erik vindt op het niveau van de bedding een gaatje dat tocht. Normaal is tocht in een grot een indicatie dat erachter iets te vinden is. De Nou Maulin is uitzonderlijk, want hier komt op zijn tijd werkelijk uit iedere spleet wel tocht. Een bizar fenomeen dat suggereert dat overal een vervolg te vinden is.
De Metro dus. In het voorbijgaan zien we een geel emmertje dat er al een jaar tien of of langer hangt op een meter of acht hoogte, waarboven zich een intrigerend gat bevindt. De diaklaas heeft hier een heel mooi vlak plafonnetje, de onderkant van een valse vloer. 
Even verderop bij een parallelle diaklaas zit ook zo'n vloer. De grote vraag is wat daarboven zit, dus we klimmen ernaartoe.  We beginnen hier omdat deze de grootste van de twee is. Het lijkt erop dat al dit net zo'n vloer is als welke je in de ingangspassage van de grot kunt zien, althans de restanten ervan.
Lisette leidt de klim. Op de rotswanden ligt een centimeters dikke laag vette modder die het klimmen niet aangenamer maakt en ons van camouflage voorziet.

cowgirl Lisette

Vlak boven de grote stalactiet begint een zone met kleine gangen die erg fossiel zijn, met veel concreties zoals we ze nauwelijks kennen in de Nou Maulin. Kleine drooggevallen gours met kristallen en aan de plafonds excentriques.



Lisette is als eerste een smal gangetje ingedoken om bij de kristallen uit te komen, en terwijl zij met mijn camera plaatjes schiet, daagt Erik mij uit om het volgende smalle gat te nemen. Er zijn nog twee alternatieve routes om naar boven te gaan, maar die zien er zo luchtig uit dat ik toch maar besluit me eerst aan de versmalling te wagen. Schuin omhoog en smal. Het is net zo'n smalle pijp als waarin ik vorige maand Lisette omhoog geduwd heb. Het voordeel van zo'n situatie is dat de zwaartekracht meewerkt als de paniek of de ouderdom toe mochten slaan. Met veel gezucht en gesteun en aanmoediging van Erik raak ik er toch doorheen. Erik heeft flink moeten duwen tegen mijn voeten, maar het lukte tenslotte. En amai, het was de moeite waard, want hierachter vind ik de mooiste concreties tot nu toe:







We schatten dat we hier zo'n 40 meter aan nieuw topowerk moeten doen, maar de topo apparatuur communiceert vandaag niet met elkaar, dus moeten we de volgende keer terug om het in kaart te brengen. Da's mooi voor Jos die dit weekend verstek moest laten gaan, want dan kan hij alles met eigen ogen zien.

De tweede schoorsteen die we vandaag doen begint daar waar dat gele emmertje zit, of zat inmiddels.
Er zitten nog een paar hele oude en roestige haken in de wand. De eerste wordt door Lisette nog wel gebruikt, maar de tweede is onbetrouwbaar en erna komt een stuk rots die niet echt geschikt is voor boorhaken, dus een beetje spannend is het wel. Erik neemt het over en klimt hoger en komt weer in vettige modder terecht. Terwijl hij klimt vallen er met grote regelmaat plakken naar beneden die met het geluid van een koeienvla neerkletsen. Erik had er schijt aan, want hij was bezig met haken slaan.



Als de eerste accu leeg is en het touw op, houden we het voor gezien. Het gaat nog hoger, maar over de voortgang maken we ons weinig illusies. We hebben tot nu toe bij onze beklimmingen steeds weer de sporen van anderen die ons voorgingen gevonden. Vandaag geen dateerbare inscripties. In de jaren '70 toen deze schoorstenen beklommen werden was het blijkbaar al geen bon ton meer om je naam achter te laten als eerstbeklimmer. Aleen voetstappen en carbidsporen zijn de stille getuigen van toen.

maandag 5 november 2012

reenactment

Een fotomoment van 112 jaar geleden werpt natuurlijk de vraag op hoe dezelfde plaats er nu uitziet. Niet zo heel veel anders dus, maar er lijkt nu een kleipakket te liggen terwijl een eeuw geleden er meer schoongespoelde stenen lagen.





woensdag 24 oktober 2012

stereo foto's

Dit mag toch wel de vondst van de maand genoemd worden. Robert Dejardin kwam met deze stereo foto's aanzetten. Ansichtkaarten zijn er genoeg, maar dit soort foto's zijn zeer zeldzaam. Het zijn echte afdrukken op fotopapier en niet gedrukte kaarten, zoals in latere jaren de gewoonte is geworden.
De foto's zijn gemaakt door Jacques van Berkestyn
Jacques was een beroemde fotograaf aan het einde van 19e eeuw, begin 1900 in Antwerpen. Het is bekend dat hij stereofoto's heeft gemaakt in de jaren 1899 -1900.

De mensen op de foto hebben de kleding van de gidsen van de grot van Rochefort (grot van Lorette). De eerste man is ook te zien op een ansichtkaart van 1900 (uitgave van Nels) in de grot van Rochefort.

collectie R. Dejardin

collectie R. Dejardin

maandag 8 oktober 2012

JNS 6-7 octobre

Net als in vele andere plaatsen in België waren er het afgelopen weekend de Journées Nationales de la Spéléologie.
In Rochefort was de basis van dit festijn voor de ingang van de Nou Maulin.


Jos had voor de gelegenheid een 'voorlopige' topo uitgedraaid op groot formaat, zodat nieuwsgierigen een indruk van de grot konden krijgen. Het meest nieuwsgierig waren wij eigenlijk zelf, maar onze collega's uit Rochefort natuurlijk niet minder.

Een verslag van de JNS door de nationale media:
https://picasaweb.google.com/110459738014694051532/1VIDEOS?authkey=Gv1sRgCILEh5Ktnt3S2wE#5796820771109880034


Wijzelf waren natuurlijk met andere dingen bezig. Jos hertopografeerde samen met onze Italiaanse vriend Antonio een stukje grot bij de ingang, waarvan we de metingen kwijt waren. Aansluitend daarop heeft Marc Legros het stukje naar het réseau du grange ou des fontis.




Lisette schat het vervolg in


Ondertussen hebben Lisette en ik een zijgangetje in de salle du bivouac  opengegraven.
Een gangetje dat al sinds 1959 op de kaarten staat, maar dat al  jaren dicht zit. Er staan soms twee van die gangetjes op de kaart, en soms ook zijn ze met elkaar verbonden.
Binnen een uur hadden we de eerste open en konden we de spleet erachter in.
Helaas konden we de verbinding met de andere spleet niet terugvinden.

Daarna pakten we de andere gang aan, maar dat bleek een ietwat grotere klus, en dat moet maar wachten op een andere keer.

Op zondag agenda hebben we een andere gang op de agenda staan, die aan nadere inspectie onderworpen moet worden. Onder de ingang van de Souffleur zitten verschillende tochtende gaten. Een daarvan had een brok steen op de vloer liggen dat krakende ribben oplevert. Dat moest weg, dus met vereende krachten en een Hilti die dienst deed als perforator konden we er een uurtje later langs. Aan de andere kant lag een ruimte die net groot genoeg was om te keren en een 'werf' met een briefje erbij dat Speleo Lux hier ooit aan het werk is geweest.

in de wachtkamer





uit de oude doos



Daarna deed de DistoX ook hier driftig zijn werk. Ooit speculeerden we of de mysterieuze Fransman hier misschien langs gekomen was, maar dat blijkt nu uitgesloten. 

Om de dag af te maken trokken we naar de gruyère om een nog ontbrekende route van invulling te voorzien.